Hotse Plotse Plin -> 1A t/m G ('Zwabber onze hond' en 7 andere)

Hotse Plotse Plin -> 2A t/m E ('Ieni Mini Muizenkeuteltjes' en 5 andere)

Hotse Plotse Plin -> 3A t/m C ('Paardenvijgen' en 3 andere)

Hotse Plotse Plin -> 4A -> G ('Waai, waai doet de wind' en 7 andere)

----------------------------------------------------------------------------------------------------

Van Staphorst naar Canada en vice versa, oktober en november 1961.

Vertaling - Fragment 1

 
Oktober 1961. ‘Gesproken brief.’ Begin op 0.07. Hendrik Coster (1926-1975), molenaar op De Hoek in Staphorst, introduceert de sprekers voor de microfoon voor de familie Veldman in Canada. -0.07 We zijn hier op het ogenblik bij de familie Konterman op De Lichtmis. Daar zijn we gekomen nadat we bij de familie Mussche waren. Ik zeg laten we maar gauw heen gaan. Want anders liggen die mensen al op bed. We komen hier en alles is al donker. Dus, we hebben de familie Konterman uit bed moeten halen, maar desalniettemin zullen we toch nog proberen om een stukje voor Canada op de band te krijgen. Triene [Trijn KontTerman]) wil wel graag wat zeggen, maar wát ze nu allemaal wel vertellen wil dat, dat weet ik niet. En Willem [Konterman] komt vanzelf ook wel. Annuk [Hendrik] Mussche met Kleus [Klaasje] die zijn er ook bij. Met Trijntje [Coster-Guchelaar], Roelof [Coster] zit hier aan de tafel, zodat we de hele familie bij elkaar hebben. Nou Triene, vertel het maar. [Gelach.] -0.50 [Tussenstem] Dan moet Willem maar eerst, dan kun je die volgen. -0.53 Triene. Nee, ik wil eerst. Het komt er allemaal op. …. Nou, en we lagen daar net op bed en toen toeterde er een auto bij ons huis. Ik zeg: ‘Daar is nog volk!’ En ja, hoor, daar komt me Annuk Coster nog aan. Ik zeg, goh, daar heb je Annuk Coster nog. En we wilden er niet graag uit. Willem zegt: ‘Ik ga er niet uit!’ Ik zeg: ‘Ik ook niet!’ En ja, ze wilden toch wel graag hebben dat we even opstonden. En ja hoor, daar komt me onze Kleus [Klaasje] ook nog aan. Met de slaapmuts op! En Annuk [Hendrik] Mussche is d’r ook nog bij! En Trijn! En Annuk Coster. Ik zeg: ‘Wat moet dat stel toch zo laat! Om half tien!’ 1.33 We waren vroeg naar bed gegaan. En Willem was vanmorgen naar Zwolle geweest en die was om half 5 opgestaan. Hij moest met Annuk met de varkens heen. Dan is hij stapelgek, ’s morgens. Dan moet hij eerst gaan melken, want hij kan de melk niet houden op de fiets. We moeten naar Westert om te melken en dan is hij zo gek! Ik zeg: ‘Nou, ga er maar uit. Ik blijf nog een poosje liggen.’ En nou wou hij vanavond vroeg naar bed. Hij was zo slaperig! En dan komt me daar net Annuk Coster met dat stel aanzetten. [Gelach en gemompel] 2.10 Nou, en hoe gaat het nu daar met jullie in Canada? Ik hoop dat alles nog best is. Het is hier ook allemaal goed. Zo als jullie daar al gehoord hebben, Annekie [Hendrikje] zegt het gaat met mijn astma aardig goed. Maar dat gaat ook best, ik kan er ook best tegen.

Vertaling - Fragment 2

November 1961. Reactie van de familie Veldman in Guelph Canada op de gesproken brief, met onder andere fragment 1, van de familie in Staphorst e.d. 0.01 Geertje Veldman-Stegeman, echtgenote van Levert Veldman. Wij waren ook blij, om jullie stem eens te horen. En dat jullie met de familie bij elkaar waren. Dat jullie bij Konterman waren en dat jullie aardig schik hadden, daar. Dat konden we allemaal horen. En .. Jullie hebben ons laatst geschreven, dat jullie weer geslacht hebben en aan het worst maken waren. Ik wou nog wel graag weer eens komen worst eten. Die was aardig goed, toen we [in 1957 ivm een begrafenis] met een tripp in Holland waren. En we hebben wel gehoord, dat jullie allebei nog … nog goed kunnen. … Dus…. Het valt niet mee om hier zo te praten, hé. Maar ja, je moet maar zien dat je er wat van maken kunt. 0.52 En nu ga ik naar Annekie [Hendrikje] met Geert van Elp. Hoe is het nog met jou Annekie? We meenden dat je zo zachtjesaan weer klaar was, maar, zoals je dan geschreven hebt, moet je nog wel liggen tot half november. Het valt niet mee, hé, als je daar zo lang in bed liggen moet. Maar, als je dan nog maar weer klaar [beter] mag worden. En je mag nogal blij zijn, dat het geen kanker is, zoals de dokter dan gezegd heeft. En daar zijn wij dan ook blij om. Als je ziek bent, dat valt niet mee. 1.30 En hoe is het met,eh, Jantie [Jantje}, durfde die niet te praten? Die zijn [haar] stem die wilden we ook nog wel graag horen. En Jan, jij werkt altijd nog op de…, eh, daar in die winkel … hoe moet ik dat ook nog weer noemen… Op de coöperatie, ja! En Vossie [Vos van Rouveen] heeft het ook nogal druk gehad, van de zomer, hé? Zoals we dan gehoord hebben. 1.58 En Griet die zij, dat die foto van Stientie [Stijntje, Stella] zo geel werd. Wij hebben er zelf ook een in Peter zijn slaapkamer en die is ook net zo geel. Maar wij dachten dat het van de zon kwam. Want die had ik daags op een kastje staan en daar scheen de zon nog wel eens op. En zodoende dachten wij, dat hij daar geel van werd. Maar we zullen er eens naar verstaan, omdat die van jou nu ook zo is. 2.26 En dan ga ik nu maar naar Triene [Trijn] en Willem [Konterman]. Jullie zijn allebei ook nog best dapper, hé? Het was toch ook wat, om … dat ze jullie daar uit bed halen moesten. Jullie zouden wel denken, wat voor stelletje komt daar toch aan! Maar het is toch mooi, dat wij allemaal jullie stem nog eens kunnen horen. En Roelof werkt nog op de bank, hé? Dus. Nou, maar we hebben wel gehoord, in Holland daar was het aardig goed.